Sven Gatz opgetogen met tax shelter podiumkunsten

Donderdag 24 november 2016 — Vlaams minister van Cultuur Sven Gatz is opgetogen over de beslissing van de federale regering om een tax shelter voor de podiumkunsten mogelijk te maken, De tax shelter moet bedrijven stimuleren om middelen te investeren in podiumkunsten. Op die manier kunnen kunstenorganisaties, naast bestaande subsidies van de overheid, makkelijker extra middelen uit de markt halen. 

‘De beslissing van de federale regering is er gekomen op vraag van de gemeenschapsministers voor Cultuur’, zegt minister Gatz. ‘Met het federale niveau hebben we goed samengewerkt om een regeling tot stand te brengen die extra ondersteuning biedt aan de artiesten en kunstenaars die in de podiumkunsten actief zijn.’

Bedrijven die investeren in een Europees podiumwerk (circus, straattheater, dans, theater, opera, klassieke muziek) kunnen dankzij de tax shelter een belastingvrijstelling krijgen. Voor hen wordt het dus aantrekkelijker om podiumwerk te prefinancieren. Deze tax shelter vormt een belangrijke pijler van de aanvullende financiering voor cultuur waarvoor Sven Gatz een beleid ontwikkelt.  

Voor de Vlaamse audiovisuele sector bleek de tax shelter alvast een succes. Het systeem bestaat er al sinds 2003. Sindsdien konden reeds 448 Vlaamse films en series door dit systeem extra ondersteuning krijgen van bedrijven. In 2014 werden er 85 producties die beroep deden op tax sheltermiddelen afgewerkt. In 2015 waren dat er 69. Sinds de start werd al meer dan 1 miljard euro aan fondsen verzameld. De werkgelegenheid in de sector kende een stijging van 23 procent. Voor elke geïnvesteerde euro krijgt de overheid 1,21 euro terug, zo bleek uit een studie van Deloitte een aantal jaren geleden.

‘Dankzij de uitbreiding van de tax shelter naar de podiumkunsten zullen de Belgische productiehuizen die voornamelijk bezig zijn met het ontwikkelen van een Europees podiumwerk een aanvullende financieringsbron kunnen aanboren’, zegt Gatz. ‘En voor de investeerder is de tax shelter een voordelig beleggingsinstrument.’

De tax shelter moet  ervoor zorgen dat er bij podiumwerk meer middelen beschikbaar zullen zijn tijdens het creatie- en productieproces. Door deze bijkomende private middelen kan er een boost gegeven worden aan de podiumkunsten, wat de werkgelegenheid en de correcte vergoedingen van werknemers en freelancers ook ten goede komt. Bovendien brengt het systeem van de tax shelter kunstenorganisaties en bedrijven ook meer met elkaar in contact. 

Voor deze nieuwe tax shelter komen de volgende podiumkunsten in aanmerking: theater-, circus-, straattheater-, opera-, klassieke muziek-, dans- of muziektheaterproducties, met inbegrip van musical en ballet, alsook de productie van een totaalspektakel. Productiehuizen kunnen zowel de vorm van een vennootschap als van een vzw aannemen.

Geschat wordt dat een productiehuis circa 25 procent van het totaal productiebudget van een Belgische productie kan financieren met taks sheltermiddelen. Ook aan de kant van de investeerder ligt er een interessante opbrengst   te rapen van circa 5 à 10 procent van het geïnvesteerde bedrag.

Verwacht wordt dat dossiers in de loop van 2017 ingediend kunnen worden.

Meer informatie via FOD financiën en de administratie cultuur (CJSM).

Contacteer ons

Eva Vanhengel

Woordvoerster Sven Gatz

Published with Prezly